|
20 januari 2010 In verband met vakantie is het secretariaat beperkt bereikbaar tot 1 februari. Stuur uw vragen in per e-mail aan
Dit e-mail adres is beschermd door spambots, u heeft Javascript nodig om dit onderdeel te kunnen bekijken
dan komen we daar zo spoedig mogelijk op terug. Voor urgente zaken neemt u met een van de bestuursleden contact op, hun contact gegevens staan onder <AOPA Netherlands> <Who is who> op deze site. De minister van LNV heeft in antwoord op de kamervragen aan de kamerleden laten weten: Hierbij stuur ik u, mede namens de minister van Verkeer en Waterstaat, een reactie op de vragen van de leden Snijder-Hazelhoff en Meeuwis (VVD) over strijdige wetgeving. Deze vragen werden mij toegestuurd op 20 november 2009 (nummer 2009Z22215). Ik heb kennis genomen van bedoeld persbericht. Mij is gebleken dat de uitspraak is gebaseerd op artikel 11 van de Flora- en faunawet, waarin staat dat de rustplaatsen van beschermde inheemse diersoorten niet verstoord mogen worden. De desbetreffende rechter is in de uitspraak tot de conclusie gekomen dat er sprake was van een overtreding van het genoemde artikel. Deze uitspraak is echter nog niet onherroepelijk geworden, aangezien de betrokken piloten beroep hebben ingesteld. Ik zal de uitspraak van de beroepsrechter afwachten voordat ik een definitieve reactie naar de Tweede Kamer stuur. Vooruitlopend hierop wil ik het volgende aangeven. Indien inderdaad blijkt dat er sprake is van onduidelijkheid ten aanzien van de regelgeving voor de bescherming van de natuur en die voor de luchtvaart, dan zal deze onduidelijkheid moeten worden weggenomen. In overleg met mijn ambtgenoot van Verkeer en Waterstaat zal ik dit onderzoeken en nagaan of aanvullend beleid of aanpassing van de regelgeving nodig is opdat ook in de toekomst het bestaand gebruik van het luchtruim door de kleine luchtvaart kan worden bestendigd. DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR ENVOEDSELKWALITEIT, G. Verburg 13 januari 2010 Oostvaardersplassen. Reactie op de de kamervragen van de VVD fractie en op de AOPA brieven aan de ministers van LNV en V en W. Het ministerie van LNV laat aan de kamer weten dat zij meer tijd nodig hebben voor interdepartemantaal overleg. Dit ministerie heeft gisteren na ons rappel aan AOPA gemeld dat de brief aan de minister ontvangen is en in behandeling is bij de Directie Juridische zaken team Natuur en Gebiedsinrichting. Wij kijken nog uit naar de reactie van de Minister van V en W. Zij kunnen rekenen op overleg met hun collega's van LNV. 5 januari 2010 Tot onze spijt is deze site niet geheel actueel meer. Wij verwachten rond 20 februari 2010 onze nieuwe site in de lucht te hebben en vragen even geduld tot dan. Wilt u een mailtje zodra de nieuwe site in de lucht is, stuur dan een mail aan
Dit e-mail adres is beschermd door spambots, u heeft Javascript nodig om dit onderdeel te kunnen bekijken
. AOPA leden van wie wij de e-mail adressen hebben krijgen automatisch bericht. 24 nov 2009 Kamervragen nav het persbericht De VVD fractie van de tweede kamer heeft op vrijdag 20 november een aantal kamervragen gesteld, Wij houden u via deze website op de hoogte Vragen van de leden Snijder-Hazelhoff en Meeuwis (beiden VVD) aan de ministers van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en van Verkeer en Waterstaat over strijdige wetgeving. (Ingezonden 20 november 2009) 1 Bent u bekend met het persbericht «Hoger beroep Oostvaardersplassen»? (Zie persbericht hieronder) 2 Wat is uw mening over het feit dat de piloten nu een strafblad hebben, ondanks het feit dat zij correct hebben gehandeld volgens de luchtvaartregelgeving? 3 Bent u van plan om de luchtvaartkaart en luchtvaartregelgeving aan de natuurregelgeving aan te passen naar aanleiding van deze uitspraak? 4 Zo ja, betekent dit dan dat het luchtverkeer om de honderden natuurgebieden in Nederland heen moet gaan vliegen? Bent u van mening dat dit een goede oplossing is? 5 Welk effecten verwacht u van een eventuele aanpassing van de luchtvaartregelgeving en luchtvaartkaart? Kunt u hierbij zowel ingaan op de effecten voor zowel de commerciële luchtvaart als de ’general aviation’? Kunt u tevens aandacht besteden aan de veiligheidsaspecten in de luchtvaart? 6 Deelt u de mening dat het slimmer is om de werking van de verschillende natuurbeschermingswetten op hoogte te beperken, gezien de problemen die dit anders oplevert voor allerlei luchtverkeer? Zodra wij de antwoorden op de vragen hebben zullen wij u informeren 13 nov 2009 AOPA gaat met een groot aantal GA partijen in hoger beroep tegen de uitspaak van de Kantonrechter. Twee vliegers vlogen op de maximale hoogte (ca 1450 voet) over de Oostvaarders plassen en werden schuldig geacht aan het verstoren van de natuur volgens de Flora en Fauna wet. Ondanks het feit dat de rechter vaststelde dat zij hun vlucht conform de Luchtvaartwet hadden uitgevoerd, werden zij toch beboet (Eur 250,=) voor deze overtreding die als misdrijf wordt afgestempeld en een strafblad tot gevolg heeft. AOPA heeft de vliegers in deze zaak bijgestaan omdat de natuurbeschermingswetten op het aardoppervlak zijn gemaakt en geen hoogte limiet kennen. Voor vliegers (en zeker voor buitenlandse vliegers) is het onmogelijk de natuurbeschermingsgebieden die niet op de door het rijk uitgegeven verplichte luchtvaartkaart staan, te ontwijken behalve door op voldoende hoogte te vliegen. Deze rechtsonzekerheid moet snel door de ministers van V en W (Luchtvaart) en LVN (Natuurbescherming) worden gerepareerd. Het hoger beroep zal moeten bevestigen dat een vlieger die te goeder trouw zijn vlucht uitvoert niet het slachtoffer mag worden van strijdige wetgeving en daardoor als misdadiger met een strafblad wordt opgezadeld. PERSBERICHT Op 3 november 2009 vond in Lelystad de behandeling plaats van twee strafzaken tegen twee bij de AOPA (Aircraft Owners & Pilots Association) aangesloten piloten van een eenmotorig sportvliegtuig. Hun werd ten laste gelegd dat zij tijdens een vlucht over het natuurgebied de Oostvaardersplassen laag hadden gevlogen waardoor het terplaatse aanwezige wild werd verstoord. Dit is een strafbaar feit ingevolge de Flora en Faunawet. De Economische politierechter achtte bij beide piloten bewezen dat zij inderdaad het wild hadden verstoord. De politierechter kwam tot die bewezenverklaring op basis van de ambtsedige verklaring van twee boswachters. Ter zitting stelden de piloten dat hun niets viel te verwijten. Zij hadden zich aan alle voorschriften van de luchtvaartwetgeving gehouden. Zij vlogen net onder 1500 voet (450 m), dat is 500 voet boven de aanbevolen hoogte van 1000 voet (300 m) . Deze aanbeveling staat in de luchtvaartregelgeving (AIP) van de Inspectie Verkeer en Waterstaat afdeling Luchtvaart, Ook volgens de officiële luchtvaartkaart is het de piloten toegestaan daar te vliegen. De politierechter wilde dit alles wel aannemen en was het ook met de piloten eens dat de er sprake van conflicterende wetgeving. Wat echter door de luchtvaartwetgeving is toegestaan - vliegen boven het natuurgebied Oostvaardersplassen - is in strijd met de Flora en Faunawet, die verstoren van wild verbiedt, zo stelde hij. De politierechter begreep de onduidelijke situatie voor piloten en deed een dringend beroep op overheidsinstanties om de luchtvaartwetgeving en die inzake natuur en milieu wetgeving met elkaar in overeenstemming te brengen. De politierechter passeerde echter het betoog van de piloten dat bij dergelijke conflicterende wetten er geen sprake kan zijn van een strafbaar feit. Hij veroordeelde de - zich van geen kwaad bewuste – piloten, ieder tot een geldboete van Eur. 250,=. De uitspraak van de politierechter is van groot principieel belang voor gehele luchtvaart. Niet alleen de kleine luchtvaart, maar ook de grote: Immers ook grote verkeersvliegtuigen passeren de Oostvaardersplas. Indien zij daarbij wild verstoren gaan de piloten op de bon – ongeacht de hoogte die zij vlogen. De werking van de Flora en Faunawet is immers qua hoogte niet beperkt. AOPA maakt zich grote zorgen over het voortbestaan van de recreatieve luchtvaart in Nederland. De uitspraak brengt met zich mee (gelet op de vele beschermde gebieden in Nederland) dat iedere vlieger voortdurend het risico loopt op dezelfde gronden beboet te worden. Ook door de beperking van de luchtruimte, sluiting van vliegvelden en ander nieuw overheidsbeleid dreigt de kleine luchtvaart snel uit Nederland verbannen te worden. Daarmee wordt volledig voorbij gegaan aan de gedragscode die de privevliegers zichzelf opleggen en andere kostbare maatregelen die door de piloten getroffen worden om mogelijke hinder zoveel mogelijk te voorkomen. De uitspraak zal vanwege het principiële karakter zeker in hoger beroep te worden bestreden.
|